Een broodzakgedicht

In de aanloop van de bundel ‘Rijm op de keien, gedichten over Breda’ (kijk hier) schreef ik het korte gedichtje ‘Bruin Brood’.

Mijn droom was dat dit gedichtje nog eens op de broodzak van de Bredase bakkers zou verschijnen. En eigenlijk droom ik dat nog steeds.

Droom van een broodzak-gedicht
Droom van een broodzak-gedicht

De acht korte regeltjes over Breda vormen een heel aardige schets van de aard van de stad: De Grote Kerk, het carillon, de muziek, de relax, het genieten van goed en degelijk eten; een eitje erbij van het bijzondere kippenras: De Kraaikop, oftewel het Bredase Hoen.

Het ‘Bruin brood’, in het gedicht hieronder, is degelijk, gewoon en gezond/ Daarmee is het een mooi symbool voor de Bredase volksaard.

Bruin Brood

Breda dat is bruin brood,
dik boter en beleg.
Een kraaikop legt zijn ei erbij.
Breda, dat is bruin brood.

Ontbijt op mijn balkon,
muziek waait van de toren.
Het carillon, ‘Breda vooruit’,
het leven is volkoren.

Lees meer over mijn gedichten. Klik hier.